4. En ziet, in den voorhof der priesteren bij het brandofferaltaar, de heerlijkheid des Gods van Israël was aldaar naar de gedaante, die Ik In de vallei gezien had (
Hoofdstuk 3:23). Het is mogelijk, dat ten tijde, van welken in
Vers 1 sprake is, bij de gevangenen aan de wateren van Chebar juist het bericht was gekomen van bijzondere politieke gebeurtenissen in het rijk der Chaldeën, misschien die, dat Medië en Elam van plan waren zich te verenigen, om de heerschappij van Nebukadnezar te doen vallen. Wij weten ten minste, dat Nebukadnezar weinige jaren later met deze landen in den oorlog was gewikkeld om ze weer onder zijne heerschappij te brengen (
2 Koningen 24:2). Nu zijn wellicht de oudsten bij Ezechiël vergaderd geweest, zij hebben hem met vragende blikken aangezien, of hij niet opmerkte, dat de politieke omstandigheden zich anders zouden ontwikkelen, dan dat het tot zulk enen ondergang van het rijk van Juda als hij hun had voorgezegd, vooreerst zou komen, en niet integendeel ook voor de reeds gevankelijk weggevoerden uitzichten openden op de door andere Profeten (
Jeremia 29:8 v.) verkondigde spoedige wederkering naar het vaderland. Deze dromen, in welke men zich liet inwiegen, moeten nu hier tot schande worden gemaakt. In de eerste plaats is het hier voor Ezechiël niet te doen om ene openbaring in woorden te ontvangen, maar ene levendige handeling. Hij moet zien, hoe de zaken zullen staan nog vóór dat 5 jaren om zijn. Nu wordt hem eerst getoond, waarom het zo moet komen, en het einde volgens
Hoofdstuk 7 spoedig daar zal zijn. Zo komt de hand des Heeren HEEREN over hem, en nu hij bekwaam is geworden om gezichten te zien, verschijnt hem de Heere nog in zijn huis; hier nog zonder troon en Cherubim, alleen in de algemene vuurgedaante als
Hoofdstuk 1:4, met dit onderscheid dat deze reeds enen bepaald menselijken vorm aanneemt. Wanneer deze ene hand naar hem uitstrekt, en hem daarmee bij het haar van het voorhoofd neemt, zo is hiertegen niet in te brengen, dat hij in 5:1 zich het haar had moeten afscheren. Zulke voorvallen in een gezicht moeten niet in werkelijkheid worden opgevat. Een leggen der hand op de plaats van het haar, waar het gestaan heeft en ook nog in stoppels aanwezig is, is voldoende voor de wegvoering- de Profeet is in een gezicht, niet in het lichaam, maar buiten het lichaam (
2 Corinthiërs 12:2); de oudsten houden intussen zijn lichaam voor hun ogen als in slaap gezonken (
Genesis 2:21), waaruit hij vervolgens in 11:24 weer ontwaakt. Bij het beeld, dat hij nu in het Goddelijk gezicht aan den ingang der noordpoort van den priester-voorhof te Jeruzalem ziet, behoeft men juist niet aan een bepaald afgodenbeeld, aan Baäl of Astarte te denken. Hier kan ook een ideaal beeld, ene zamenvatting van alle afgoderij bedoeld zijn, tegenover welke zich dan de heerlijkheid des Heeren aan het altaar overstelt, en aan Ezechiël, die de zoon eens priesters en van waarlijk priesterlijk karakter is, weer op haren troon met de Cherubim en de raderen te aanschouwen geeft. Zij zal zich daarna ook aan hem vertonen, zo als zij den door heidense gruwelen ontheiligden tempel en verder de aan het verderf om harer zonden wil prijsgegevene stad verlaat (
Hoofdstuk 10:19;
11:22). Van het noorden komt echter ook het zinnebeeld van alle misdaad, om welke het verderf komt aan den ingang der noordpoort: ene feitelijke oproeping aan het noorden om zijne wrekende legerscharen te zenden. Dit beeld nu heet "het beeld der ijvering, dat tot ijver verwekt. " Zij verwekken zegt de Berleb. Bibel, ook die allen tot ijver, die aan tegenstand, aan hoogmoed, aan wellust, aan gierigheid en andere afgoden in hun harten plaats geven.
De Profeet, in plaats van ons te zeggen, wat voor een beeld het was, hetwelk onze nieuwsgierigheid moest voldoen, zegt ons alleen, dat het een beeld der ijvering was om onze gewetens te overtuigen, dat welk een beeld het ook moge geweest zijn, het in de hoogste trap beledigend voor God was en dat het Hem tot ijver verwekte. Hij was er gevoelig over gelijk aan man gevoelig zou zijn over de hoererij van zijne vrouw en dezelve zeker zou wreken, want God is een ijverig God.
Het is de vraag of wij moeten vaststellen dat er werkelijk zulk een beeld in den voorhof heeft gestaan, of dat dit ook visionair moet worden opgevat. Wij voor ons zijn van mening, dat het visionair was en dat de Heere hiermede heeft willen zeggen, dat de gehele dienst van Israël, ook zelfs als men in zijn voorhoven kwam, afgodendienst was. Men diende niet dien God die Zich had geopenbaard, maar een zelf gekozene, van wien men veronderstelde dat hij met een vormelijken dienst zich zou tevreden stellen.
5.
II. Vers 5-18. Ezechiël wordt nog bijzonder opmerkzaam gemaakt op het beeld, dat hij reeds aan den ingang van de noordelijke poort had opgemerkt. Reeds daarin komen hem zulke grote gruwelen van afgodische verontreiniging des heiligdoms voor, dat het geen wonder is, wanneer God Zich nu moet afkeren van de ontwijde plaats (Vers 5, 6). Hij moet echter nog groter gruwelen zien in de overige ruimten des tempels. Buiten voor den buitensten voorhof wordt hem een blik gegeven in den Egyptischen dierendienst, die het volk in het gehele land heimelijk in zijne binnenkamers uitoefent (Vers 7-13). voor den ingang van dezen voorhof ziet hij den Fenicischen Thammuzdienst der vrouwen (Vers 14, 15), en in den voorhof der priesteren tussen het voorhuis en het brandofferaltaar de Medo-Perzische aanbidding der zon, de priesters en de wijze van aanbidding bij dezen cultus (Vers 16, 17). Zo heeft hij den diepen indruk, waarom de Heere straffen moet zonder verschoning, en ontvangt hij nog het bepaalde woord daarvoor, dat dengenen, die Gode den rug hebben toegekeerd, God ook den rug zal toekeren en voor hun hulpgeschrei Zijne oren zal sluiten (Vers 18) Ezechiël, in zoverre hij als balling verwijderd was van het voorwerp, dat hij schildert, laat dieper nog dan Jeremia in die geheimen der boosheid zien, welke Jeruzalem rijp maken ter verwoesting. De Geest des Heeren verplaatste hem op bepaalde plaatsen, welke voor hem, zelfs al ware hij in de stad geweest, ontoegankelijk zouden geweest zijn.