8. Daarom zegt de Heere HEERE alzo: Ziet, Ik wil aan u een oordeel doen toekomen, overeenkomstig uwen toestand, ja Ik, de Almachtige en Rechtvaardige! want Ik zal gerichten in het midden van u oefenen, voor de ogen van die Heidenen, zodat gij op ene voorbeeldige wijze zult gestraft worden.
Gij slaat uwe ogen op de werktuigen en op de roede, maar zie Ik, ja Ik zelf ben tegen u, o Jeruzalem.