Jesaja 42:13-17
Het komt alles op hetzelfde neer, of wij deze verzen beschouwen als het lied zelf (zoals sommigen doen) dat door de heidenwereld gezongen zal worden, of als een profetie van hetgeen God doen zal om de weg te bereiden voor het zingen van dat lied, van dat Evangelische nieuwe lied.
1. Hij zal meer dan ooit verschijnen in Zijn macht en heerlijkheid, dat heeft Hij gedaan in de prediking van Zijn Evangelie, in de Goddelijke kracht en macht, die haar vergezelden, en in het wondervolle succes dat zij had in het nederwerpen van het rijk van Satan vers 13,14. "Hij had lang gezwegen, zich stilgehouden, zich ingehouden, toen Hij de tijden van de onwetendheid van de heidenen had voorbijgezien," Handelingen 17:30, en "de heidenen in hun wegen laten wandelen," Handelingen 14:16, maar nu zal Hij uittrekken als een held, als een krijgsman, om het rijk van de duivel aan te vallen en het een dodelijke slag toe te brengen. Aldus wordt het uitgaan van het Evangelie voorgesteld. Openbaring 6:2, Christus is er in uitgegaan, overwinnende en opdat Hij overwonne. Het dienstwerk van de apostelen wordt hun strijd genoemd, en zij waren de krijgsknechten van Jezus Christus. Hij zal de ijver opwekken, zal meer dan ooit zich ijverig betonen voor de eer van Zijn naam, en tegen afgoden.
a. Hij zal schreeuwen in de prediking van Zijn woord, Hij zal schreeuwen als een die baart, want de dienstknechten van Christus predikten als mannen wie het ernst was en die arbeidden om wedergeboren te doen worden, totdat zij zagen dat Christus een gestalte had gekregen in de ziel van het volk, Galaten 4:19. Hij zal juichen en een groot getier maken in de weeën van het Evangelie, en dit getier is erger dan het brullen van een leeuw, en die weeëen moeten samengaan met de prediking van de zegeningen van het Evangelie ten einde de slapende wereld wakker te maken.
b. Door de kracht van Zijn Geest zal Hij overwinnen, "Hij zal Zijn vijanden overweldigen, Hij zal hen overweldigen door hen tot Zijn vrienden te maken," Coloss. 1:21. Hen, die Zijn Evangelie tegenspreken en lasteren zal Hij overweldigen ten einde hen tot zwijgen te brengen en te schande te maken. Hij zal al de tegenstand van de machten van de duisternis verwoesten en tezamen opslokken. Satan zal als een bliksem uit de hemel vallen, en hij, die de macht des doods had, zal verwoest worden. Als type en afschaduwing hiervan zal God, om een weg te banen voor de verlossing van de Joden uit Babel, de hoogmoed vernederen van hun verdrukkers en hun macht verbreken, en de Babylonische monarchie verwoesten en tegelijk opslokken. Bij het volbrengen van deze verwoesting van Babel door het Perzische leger onder bevel van Cyrus zal Hij bergen en heuvelen woest maken en al hun gras doen verdorren, het leger zal als gewoonlijk de fourage òf wegvoeren, òf vernielen, en door schipbruggen te leggen over de rivieren, zullen zij in eilanden veranderd worden, en door de laaglanden te draineren zal er een weg gemaakt worden voor de doortocht van het leger, en zo zullen de poelen uitgedroogd worden. En zo zal het Evangelie, als het gepredikt wordt, de vrije loop hebben, en wat er de voortgang van verhindert, zal uit de weg worden geruimd.
II. Hij zal Zijn gunst en genade betonen aan hen, wier geest Hij had opgewekt, zoals Ezra 1:5, om Hem te volgen. Aan hen, die naar de weg van Zion vragen, zal Hij de weg wijzen, en er hen in leiden, vers 16. Zij, die van nature blind zijn, en zij die onder overtuiging zijn van zonde en toorn, zijn ten einde raad, weten niet wat te doen of aan te vangen, maar God zal hen leiden door de weg, die zij niet geweten hebben, zal hun de weg des levens en van de gelukzaligheid tonen door Jezus Christus die de weg is, zal hen leiden en hen doen voortgaan op die weg, waar zij tevoren vreemdelingen zijn geweest. Aldus is Paulus bij zijn bekering eerst met blindheid geslagen, en toen heeft God hem Zijn Zoon geopenbaard, en heeft de schellen van zijn ogen doen vallen. Zij zijn zwak in kennis en in het eerst schijnen de waarheden Gods hun onbegrijpelijk, maar God zal voor hun aangezicht de duisternis ten licht maken, en zo zal de kennis hun gemakkelijk wezen. Zij zijn zwak in plichtsbetrachting, Gods geboden schijnen hun toe onuitvoerbaar te zijn, en er schijnen onoverkomelijke moeilijkheden in de weg te liggen van hun gehoorzaamheid, maar God zal het kromme recht maken, hun weg zal effen zijn, en hun juk zacht. Hen, die God op de rechte weg brengt, zal Hij er leiden. Als type hiervan zal Hij de doden als zij terugkeren uit de ballingschap, leiden op een gereedgemaakte weg naar hun land, en er zal niets wezen dat hen in verlegenheid of verwarring brengt op hun reis. Dat zijn grote dingen en vriendelijke dingen, zeer groot en zeer vriendelijk zijn zij, maar opdat niet iemand zou zeggen: zij zijn te groot en te vriendelijk om door zo'n onverdienstelijk volk als de Joden waren van God verwacht te kunnen worden, of om van God verwacht te kunnen worden door zo'n onverdienstelijke wereld als die van de heidenen, voegt Hij er bij: deze dingen zal Ik hun doen, neemt er Mijn woord voor aan, Ik zal ze doen, en Ik zal hen niet verlaten. Hij, die begint met deze grote zegen te betonen, zal voortgaan met hun goed te doen.
III. Hij zal inzonderheid diegene te schande maken, die de afgoden blijven aankleven in weerwil van de pogingen, aangewend door de predikers van het Evangelie, om hen van de afgoden af te keren, vers 17. Maar die zich op gesneden beelden verlaten, die zullen achterwaarts keren en met schaamte beschaamd worden. Als de Babyloniërs zien dat de Joden, die hun beelden verachten, erkend en verlost worden door de God, die zij aanbidden zonder beelden, en als de heidenen zien hoe de afgoderij valt voor de prediking van het Evangelie, verdreven wordt zoals duisternis voor het licht van de zon, en versmelt zoals sneeuw voor haar hitte, dan zullen zij zich schamen, dat zij ooit tot deze gegoten beelden gezegd hebben: Gij zijt onze goden. Immers, hoe kunnen zij hun aanbidders helpen, die zichzelf niet kunnen helpen, er zich niet voor kunnen behoeden om in smaad en verachting te vallen? In tijden van reformatie, wanneer velen afgekeerd worden van ongerechtigheid en zonde, die algemeen verlaten worden omdat zij uit de mode zijn, dan is het te hopen dat zij, die op geen andere wijze er van teruggebracht willen worden, er toe komen zullen door te bedenken dat zij er zich voor moeten schamen.