4. De HEERE heeft als Schepper en Heere der wereld alles gewrocht, wat er bestaat, en laat ook alles wat er geschiedt, toe om Zijns zelfs wil 1), dat is: om Zijn wijs en heilig doel te bereiken, a) ja ook den goddeloze, al laat Hij hem zijne goddeloosheid toe, ook deze moet medewerken aan Zijn groot doel, Hij bewaart hem tot den dag des kwaads2); op dien dag, hetzij nog hier op aarde, hetzij hier namaals, zal Gods gericht over hem uitgevoerd worden; hij zal zijne welverdiende straf ontvangen, en alzo tegen zijnen wil medewerken tot verheerlijking van Gods naam, en ter vervulling van Zijnen heiligen wil.
a) Job 21:30.
1) Hij heeft niet geschapen, om van de schepselen volmaakt te worden, maar opdat Hij ze zou volmaken en Zijne volmaaktheid als het ware in dezelve over en in storten zou, welke ontvangen en aangenomen zijnde, Hij van degenen, welke ze ontvangen, zou erkend, geroemd en geprezen worden.
God heeft de wereld en al wat in dezelve is, niet om het schepsel, maar om Zichzelfs wil geschapen, opdat Hij er door geëerd en geprezen en verheerlijkt zou worden. Hij is de Soevereine God, uit Wie, door Wie en tot Wie alle dingen geschapen zijn, zoals ook de heilige Apostel Paulus in Romeinen 11:36 zegt. Er was bij God geen noodzakelijkheid om de wereld te scheppen, Hij is de algenoegzame in Zich zelven, maar Hij heeft het alles gewerkt, opdat Zijn Goddelijk doel zou bereikt worden. Daarom staan schepping en herschepping ook met elkaar in zulk een nauw verband.
2) Zonder Gods wil bestaat ook de duivel en de zonde niet. Ook de allergrootste vijandschap tegen Gods heiligen wil moet alleen daartoe medewerken, dat de wil Zijner eeuwige liefde tot verlossing en zaliging der Zijnen zo veel te eerder en beter bereikt worde. Tot de bereiking van het einddoel van den weg van God dient ook de verdoemenis der goddelozen..
Alle uitwendige dingen, die tot de verblinding der verworpenen dienen, zijn instrumenten van dien toorn. En Satan zelf, die inwendig krachtig werkt, is alzo zijn dienaar, dat hij niets kan zonder zijn bevel. Zo valt dan de ijdele uitvlucht, die de scholastieken hebben van een voorwetenschap. Want Paulus zegt niet, dat de val der goddelozen door den Heere voorzien is, maar dat hij door Zijn raad en wil verordend wordt, gelijk ook Salomo leert, dat het verderf der goddelozen niet alleen voorzien is, maar dat de goddelozen zelf opzettelijk zijn geschapen tot verderf.. 5. a) Al wie hoog is van hart, hoogmoedig en onboetvaardig blijft, is den HEERE een gruwel (Hoofdstuk 15:9,25),hand aan hand (Spreuken 11:21 ), zal hij niet onschuldig zijn.
a) Spreuken 6:17; 8:13.
Volgens anderen betekent deze uitdrukking: hand aan hand, dat al heeft hen vele medestanders, die ons als het ware hij de hand vasthouden, het niet zal baten; de schuldige zal niet onschuldig gehouden worden..
Anderen vertalen, de hand er op, m.a.w. waarachtig, zeker is het. Wij houden ons aan de verklaring in Hoofdstuk 11:21 gegeven.