Spreuken 14:4
Verwaarlozing van de landbouw is de weg tot armoede, waar geen ossen zijn om de grond te beploegen en het koren uit te treden, is de kribbe rein, ledig, er is geen stro voor het vee, en bijgevolg geen brood ten dienste van de mens. Schaarsheid wordt voorgesteld door reinheid van de tanden, Amos 4:6. Waar geen ossen zijn, daar is niets te doen aan de grond en zal men er ook niets uit kunnen halen. Wel is de kribbe rein van mest, hetgeen hun, die net en zindelijk van aard zijn, die niet houden van het landbouwbedrijf, omdat er zoveel vuil werk bij te doen is, wel aangenaam is, weshalve zij hun ossen verkopen om de kribbe schoon te houden, maar dan wordt niet alleen de arbeid maar ook de mest van de os gemist. Dit toont de dwaasheid aan van hen, die zich aan de genoegens van het landleven wijden, maar er het werk niet van behartigend, die zoals wij zeggen meer paarden houden dan koeien meer honden dan varkens, daar moet hun gezin dan wel onder lijden.
Zij, die zich moeite geven voor hun grond zullen er waarschijnlijk het voordeel van oogsten. Ze, die bij zich houden wat nuttig en dienstig is, niet wat voor staatsie en pronk dient, meer boerenknechten dan boerenknechten zullen waarschijnlijk welvaart hebben, door de kracht van de os is van de inkomsten veel, die is gemaakt tot onze dienst, en is nuttig levend en dood.