Spreuken 12:11
Het is der mensen wijsheid om hun zaken te behartigen en een eerlijk beroep te volgen want dat is de weg om onder de zegen van God het levensonderhoud te verkrijgen. Die zijn land bebouwt, waarvan hij of de eigenaar of de bezitter is, aan zijn werk blijft, en zich moeite wil geven, zal, zo hij er al geen grote bezitting van maakt (waartoe is dat ook nodig?) toch van brood verzadigd worden, zal voor zich en zijn gezin het brood zijns bescheiden deels hebben, genoeg om met gemak door de wereld te gaan. Zelfs in het vonnis des toorns is nog deze genade: gij zult brood eten, al is het ook in het zweet uws aanschijns. Aan Kaïn was dit ontzegd, Genesis 4:12. Wees vlijtig, dat is het middel om uw bedrijf aan de gang te houden, en dan zal uw bedrijf u onderhouden. Gij zult eten van de arbeid uwer handen.
Het is der mensen dwaasheid om hun zaken te veronachtzamen, die dat doen zijn verstandeloos, want dan geraken zij in gezelschap van ijdele mensen, wier slechte handelingen zij navolgen, en zo komen zij tot broodsgebrek, tenminste tot gebrek aan hun eigen brood, waardoor zij anderen tot last worden, en anderen het brood uit de mond eten.