Spreuken 12:28
De weg van de Godsdienst wordt ons hier aanbevolen:
1. Als een rechte, duidelijke, gemakkelijke weg, het is de weg van de gerechtigheid, Gods geboden (de regel waarnaar wij moeten wandelen) zijn allen heilig, rechtvaardig en goed, de Godsdienst heeft gezond verstand en billijkheid aan zijn zijde, het is een voetpad, een weg die God voor ons bereid heeft, Jesaja 35:8, het is een heirbaan, de koninklijke weg, een weg, die voor ons door al de heiligen werd betreden de goede oude weg, vol van de voetstappen van de kudde.
2. Als een veilige, aangename, lieflijke weg.
a. Er is niet slechts leven aan het einde ervan, maar er is leven in die weg, alle ware vertroosting en voldoening. De gunst van God die beter is dan het leven, de Geest, die leven is.
b. Er is niet slechts leven in, maar zo dat er de dood niet in is, geen droefheid van de wereld, die de dood werkt en een bitter bijmengsel is in onze tegenwoordige blijdschap en leven. Er is geen einde aan het leven, dat in het pad van de gerechtigheid is. Hier is er leven, maar er is ook dood. In het pad van de gerechtigheid is leven en geen dood, leven en onsterflijkheid.