Spreuken 10:4
Hier wordt ons gezegd:
1. Wie het zijn, die, hoewel zij rijk zijn, zich goed op weg bevinden om arm te worden, het zijn dezulken, die met een slappe of trage hand werken, vers 4, die zorgeloos en nalatig zijn in hun zaken, nooit een krachtige hand aan het werk slaan, of er bij blijven, er in volharden. Die werken met een bedrieglijke hand, zo kan het ook gelezen worden. Zij, die zich denken te verrijken door bedrog of oneerlijke kunstgrepen, zullen in het einde zich verarmen, niet alleen door Gods vloek te brengen over hetgeen zij hebben maar door hun goede naam onder de mensen te verliezen, niemand zal iets te doen willen hebben met hen, die met een bedrieglijke hand werken, en alleen eerlijk zijn als zij goed op de vingers gezien worden.
2. Wie het zijn, die, hoewel zij arm zijn, zich goed op weg bevinden om rijk te worden, die vlijtig en eerlijk zijn, hun zaken goed behartigen, en wat hun hand vindt om te doen, doen met al hun macht, oprecht en eerlijk, van deze zal waarschijnlijk wat zij hebben toenemen. De hand van de scherpzinnigen zo lezen het sommigen, die scherpzinnig, maar geen bedriegers of afzetters zijn, de hand van de werkzamen zo lezen het anderen de bedrijvige hand maakt een stuivertje. Dit is waar voor de zaken van onze ziel zowel als voor onze wereldlijke aangelegenheden, traagheid en geveinsdheid leiden tot geestelijke armoede, maar zij, die vast van geest zijn, dienende de Heere, zullen waarschijnlijk rijk worden in geloof en rijk zijn in goede werken.