Spreuken 13:23
Zie hier:
1. Hoe een kleine bezitting vermeerderd kan worden door vlijt, zodat men, door slechts met alles zijn voordeel te doen, er goed en aangenaam van leven kan, het ploegen van de armen geeft veelheid van spijs, arme landbouwers, die slechts weinig hebben, maar zich voor dat weinige veel moeite geven en het goed beheren. Velen voeren het tot een verontschuldiging van hun luiheid aan, dat zij slechts weinig hebben om mee te werken, maar van hoe minder omvang het veld is, hoe meer de bekwaamheid en de arbeid van de eigenaar er voor aangewend moeten worden, en dan zal het goede winst opleveren. Laat hem graven, dan zal hij niet behoeven te bedelen.
2. Hoe een grote bezitting ten gronde kan gaan door gebrek aan voorzichtigheid en beleid. Er is een, die zeer veel heeft, maar het wordt verteerd, het gaat teniet uit gebrek aan oordeel aan beleid in het bestier ervan. Mensen bouwen of kopen boven hun vermogen, houden groter gezelschap aan, hebben een betere tafel of meer dienstboden dan zij betalen kunnen, laten wat zij hebben vervallen, halen er het voordeel niet uit, dat er uit te halen is, nemen geld op voor zichzelf, blijven voor anderen, en zo vermindert hun bezitting, hun gezin wordt tot armoede gebracht, en dat alles uit gebrek aan oordeel.