Genesis 34:18-24
1. Hemor en Sichem bewilligden er in om besneden te worden, vers 18, 19. Hiertoe werden zij misschien bewogen, niet alleen door hun sterke begeerte om dit huwelijk tot stand te brengen, maar ook door hetgeen zij gehoord konden hebben omtrent het heilig en eervol doel van dit teken in het geslacht van Abraham, waarvan zij waarschijnlijk enige verwarde of onduidelijke begrippen hadden, en van de beloften, die er door bevestigd werden, hetgeen hen des te meer deed wensen om in de familie van Jakob te worden ingelijfd, Zacheria 8:23. Er zijn velen, die weinig weten van de godsdienst, maar er toch zoveel van weten, dat zij zich gaarne voegen bij hen, die godsdienstig zijn. Als iemand een vorm van godsdienst aanneemt, om er zich een goede huisvrouw door te verkrijgen, hoe veel te meer moeten wij er dan niet de kracht van aannemen ten einde de gunst van een goede God te verkrijgen, zelfs ons hart besnijden om Hem lief te hebben, en, zoals Sichem hier, niet vertoeven deze zaak te doen.
2. Zij kregen ook de bewilliging van de mannen van hun stad, daar de zonen van Jakob geëist hadden dat ook zij besneden zouden worden.
a. Zij zelf hadden groten invloed op hen door hun wandel en hun voorbeeld. De godsdienst zou veel ingang vinden, indien zij, die in hoogheid zijn gezeten en die, evenals Sichem, geëerd zijn boven hun naburen, er zich ijverig voor betoonden.
b. Zij voerden een argument aan, dat zeer krachtig en dringend was, vers 23. Hun vee en hun bezitting en al hun beesten, zullen die niet onze zijn? Zij zagen, dat de zonen van Jakob naarstige, welgestelde lieden waren, en zij beloofden zich door een verbintenis met hen voordeel voor zich en voor hun naburen te verkrijgen, de grond en de handel zouden er door verbeterd worden, en er zou geld in hun land komen. Nu was het al slecht genoeg om uit dit beginsel een huwelijk aan te gaan, maar wij zien hoe de geldgierigheid een grote rol speelt bij het aangaan van huwelijken, en dat velen daarbij niets zó op het oog hebben als het voegen van huis aan huis en akker aan akker, zonder dat iets anders daarbij in aanmerking komt. Maar het was nog erger om zich uit dat beginsel te laten besnijden. De Sichemieten willen de godsdienst van Jakob's gezin slechts omhelzen in de hoop van hierdoor aandeel te krijgen in de rijkdom van dat gezin. Zo zijn er velen, voor wie gewin godzaligheid is, en die meer beheerst worden door hun wereldlijke belangen dan door enigerlei beginsel van godsdienst.