15. a) En Hagar, teruggekeerd 1) in gehoorzaamheid aan God, baarde Abram2) een zoon; en Abram, die het goddelijk bevel (
Vers 11) met de gehele gebeurtenis van haar vernomen had, noemde de naam van zijn zoon, die Hagar gebaard had, Ismaël. 3)
a) Galaten. 4:22
1) Het terugkeren van Hagar, zonder enige conditie te stellen, is bevestiging van haar geloof. Daardoor maakt zij voor haarzelf haar roeping en verkiezing vast. Het is de gehoorzaamheid van het geloof, welke zij hier betoont..
2) Niet zonder reden staat hier: "baarde Abram een zoon," en zo aanstonds "noemde de naam van zijn zoon". Daarmee wordt uitdrukkelijk geleerd, dat Ismaël een zoon van Abram was, die voor Abram's rekening kwam, maar ook, dat hij nl. Abram werkelijk zou zorgen voor de opvoeding van Ismaël, als zijn zoon, De Arabier, zich in trotse waan beroepende op dit verhaal, beweert het recht te hebben op alle landen, die hij zich verkiest, als voortgesproten uit de eerstgeborene van Abram, en alzo groot te zijn boven de Israëliet..
3) Dat Abram terstond bereid is die zoon Ismaël te noemen, getuigt tevens van zijn dankbaarheid voor de genade, aan Hagar bewezen..