17. a) Het brood der leugen, het niet verdiende, is den mens aanvankelijk wel zoet, maar daarna zal de zoetheid van die lekkere spijze veranderen in bitterheid; zijn mond zal als het ware vol van zandsteentjes worden, waardoor hij zijne tanden zal verbreken, ja zelfs zal hij er van kunnen sterven.
a) Spreuken 9:17. Klaagliederen 3:16.
Verzadig uwe begeerte naar rijkdom niet door het plegen van bedrog, door leugentaal, of door het omkopen van anderen, noch uwen lust of vermaak door hoererij of overspel; want schoon deze dingen voor het tegenwoordige lieflijk zijn, dit is slechts als de aangenaamheid van kiezelig brood, dat misschien bij de eerste bete den hongerige zal behagen, maar gekauwd wordende het gehemelte schuurt, het tandvlees doorsnijdt of de tanden breekt. Goed, door onrecht verkregen, zal den bezitter de wroeging van een schuldig geweten en de gramschap en oordelen van den almachtigen God aanbrengen.
Het brood der leugen is eigenlijk het brood waarvoor men niet gearbeid heeft, wat men op allerlei, vaak ongeoorloofde manier, heeft verworven.