Spreuken 17:8
Het doel van deze opmerking is aan te tonen:
1. Dat zij, die geld in de hand hebben, denken dat zij er alles mee doen kunnen. Rijke lieden beschouwen een beetje geld alsof het een aangenaam gesteente, een juweel, was, en schatten er zich naar, alsof het niet slechts een sieraad, maar macht was, en iedereen, tot zelfs de gerechtigheid toe, verplicht was op zijn wenken te letten. Zij verwachten dat deze schitterende diamant, naar welke zijde zij hem ook keren, aan iedereen de ogen zal verblinden, hen precies zal laten doen wat zij willen dat zij doen zullen in de hoop erop. Die het meeste geld heeft, zal het rechtsgeding winnen, geef rijke steekpenningen, en gij kunt hebben wat gij begeert.
2. Dat zij, die geld op het oog hebben en er hun hart op zetten, er alles voor zullen doen. Een kostbaar geschenk is als een juweel in de ogen van hem, die het aanneemt, het oefent een grote invloed op hem uit, en hij zal voorzeker op de weg gaan, waar het hem heenleidt, al is het ook tegen recht en gerechtigheid, en onbestaanbaar met hemzelf.