23. Een man, die met wijsheid spreekt, heeft blijdschap in het antwoord 1) zijns monds, want ook zijn eigen hart wordt daardoor verkwikt; en hoe goed is een woord op zijnen tijd; 2) daarin openbaart zich eerst recht de rijkdom en zegen der wijsheid, die het hart verlicht, troost, versterkt en gerust stelt (
Hoofdstuk 10:20,
31).
1) Hiermede wordt niet ieder antwoord bedoeld, maar een recht antwoord, dat doel treft. Dit drukt het woord in den grondtekst duidelijk uit. Vandaar ook luidt het tweede gedeelte van het vers zoals het luidt.
2) Het is ene eigenschap van het karakter van enen oosterling, dat hij gaarne een vlug en passend antwoord geeft, en menig oosters vorst, hoe toornig hij ook op zijnen dienaar was, werd dikwijls in een ogenblik tot bedaren gebracht, ja tot genade bewogen, wanneer deze gevat genoeg was om op het geschikte ogenblik een geestig verrassend woord te spreken..
Een goed woord vindt ene goede plaats. Een woord op zijn pas, is beter dan guldens in de kas.. 24. De weg des levens is den verstandige, die de hoogste wijsheid gezocht heeft, naar boven, tot steeds hogere kennis van God, meerdere reinheid, groter kracht en hoger geluk; opdat hij afwijke van de hel, den eeuwigen dood, den eindpaal van den weg der dwazen, beneden.
Wat zo dikwijls in de Spreuken op verschillende wijze wordt aangeduid, dat er werkelijk slechts twee wegen voor den denkenden en handelenden mens zijn, en dat de ene moedig maar biddende bewandelt, zeker naar boven, naar het eeuwige leven leidt, maar dat de andere naar beneden voert, wordt in deze Spreukenuk op de treffendste en kortste wijze gezegd. Hij werpt daardoor een helder licht op vele andere spreuken..
In het licht van het Nieuwe Testament krijgen de woorden: "Leven, Boven, Hel," ene nog veel diepere betekenis. Sursum corda! ad coelum, ad coelum! (verheft uwe harten tot God), roept de herder zijne gemeente bij de viering van het heilig Sacrament toe. Die waarlijk wijs is zoekt zijn heil in God, zijn vaderland in den Hemel, en hoe meer hij dat doet, des te meer vermijdt hij de verdoemenis na zijnen tijdelijken dood, als ook de kwellingen van een onrustig geweten en den poel der begeerlijkheden, die zelf ene hel is..