Spreuken 13:9
Hier is:
1. Het welzijn van de Godvruchtigen bloeiend en duurzaam. Het licht van de rechtvaardigen zal zich verblijden, het neemt toe en maakt hen vrolijk. Zelfs hun uitwendige voorspoed is hun blijdschap, en nog veel meer de gaven van de genade en de vertroosting door welke hun ziel verlicht wordt, deze zijn een schijnend licht dat al voortgaande en lichtende is, Hoofdst. 4:18. De Geest is hun licht, en Hij geeft hun een volheid van blijdschap, en Hij verblijdt zich hun goeddoende.
2. Het welvaren van slechte mensen verdorrende en stervende, de lamp van de goddelozen brandt donker en gauw, zij ziet er naargeestig uit, als een dunne kaars in een grafkelder, en weldra zal het volkomen uitgeblust worden tot volslagen duisternis worden Jesaja 50:11. Het licht van de rechtvaardigen is als dat van de zon, dat wel verduisterd kan worden en bewolkt kan zijn, maar toch zal voortduren, dat van de goddelozen is een lamp, die zij zelf ontstoken hebben, die dadelijk uit zal gaan, en gemakkelijk uitgeblust kan worden.