Spreuken 10:11
1. Ziehier hoe naarstig een Godvruchtige is om door zijn Godsvrucht mee te delen, er goed mee te doen Zijn mond, de uitgang van zijn geest, zijn gemoed, is een springader des levens een voortdurende bron, uit welke goede redenen voortkomen tot stichting van anderen, zoals rivieren, die de grond bevochtigen en hem vruchtbaar maken, en tot hun eigen vertroosting, zoals rivieren, die de dorst lessen van vermoeide reizigers. Hij is als een springader des levens, die zuiver en rein is, niet alleen niet vergiftigd, maar niet troebel gemaakt door enigerlei kwade samenspreking.
2. Hoe naarstig een slecht man is in zijn slechtheid te verbergen en er daardoor kwaad mee te doen. Het geweld bedekt de mond des goddelozen, bedekt het beraamde kwaad met betuigingen van vriendschap, opdat het zoveel zekerder ten uitvoer zal worden gebracht, zoals Joab kuste en doodde, Judas kuste en verried, dat is zijn zonde, waaraan de straf beantwoordt, vers 6. Geweld bedekt de mond van de goddelozen, wat hij door geweld verkreeg, zal hem door geweld worden ontnomen, Job 5:4, 5.