Spreuken 27:21
Dit geeft ons een toetssteen, waarmee wij onszelf kunnen beproeven. Zilver en goud worden getoetst door ze in de smeltkroes en de oven te doen, zo wordt een mens getoetst door hem te loven. Laat hem hogelijk geprezen en bevorderd worden, dan zal hij tonen wat hij is.
1. Als een man door de lof, die men hem toezwaait, trots wordt en verwaand en minachtend, als hij de eer voor zichzelf neemt, die hij Gode moest toebrengen, zoals Herodes gedaan heeft, indien hij, hoe meer hij geprezen wordt er hoe minder om geeft wat hij zegt of doet, als hij tot aan de middag in zijn bed ligt, omdat hij de naam heeft van op te zijn, dan blijkt hier uit, dat hij een ijdel, dwaas man is, een man, in wien, hoewel hij geprezen wordt, toch niets prijzenswaardig is.
2. Indien daarentegen een mens door de lof, die hem wordt gegeven, meer dankbaar wordt gemaakt aan God, meer eerbiedig jegens zijn vrienden, meer waakzaam tegen alles, dat een smet zou kunnen werpen op zijn eer en zijn goede naam, meer naarstig om vorderingen te maken in het goede en in het goeddoen aan anderen, ten einde aan de verwachtingen, die zijn vrienden van hem koesteren, te beantwoorden, dan zal hieruit blijken dat hij een wijs en goed man is. Hij heeft een goede geestesgezindheid, die door kwaad gerucht en door goed gerucht heengaat en dezelfde blijft, 2 Corinthiers 6:8.