Spreuken 22:4
Zie hier:
1. Wat het is, waarin grotendeels de Godsdienst bestaat: in ootmoed en de vreze de Heeren, dat is: ootmoedig te wandelen met God. Wij moeten zo'n eerbied hebben voor Gods majesteit en gezag, dat wij ons met alle ootmoed onderwerpen aan de bevelen van Zijn Woord en de beschikkingen van Zijn voorzienigheid. Wij moeten zo min over onszelf denken, dat wij ons ootmoedig gedragen tegenover God en de mensen. Waar de vreze Gods is, daar zal nederigheid zijn.
2. Wat er door verkregen wordt, rijkdom en eer, en vertroosting en lang leven, in deze wereld, voorzover God het goed acht, in elk geval geestelijke rijkdom en eer in de gunst van God en de beloften en voorrechten van het verbond van de genade, en ten laatste het eeuwige leven.