Spreuken 16:19
Dit is een paradox, die de kinderen van deze wereld niet kunnen begrijpen, en waarmee zij niet willen instemmen, namelijk dat het beter is arm en nederig te wezen dan rijk en hoogmoedig te zijn.
1. Zij, die de roof delen zijn gemeenlijk hoogmoedig, zij waarderen zichzelf en verachten anderen, en met hun staat verheft zich hun hart, hun gemoed, zij dus, die zijn in deze wereld, hebben de vermaning nodig om niet hoogmoedig te zijn, 1 Timotheus 6:17. Zij, die hoogmoedig zijn, zich vooraan dringen, alles doen om bevordering te verkrijgen, zijn gewoonlijk degenen, die de roof delen, hem delen onder elkaar, het gaat hun naar de zin in de wereld, zij hebben het spel in handen.
2. Het is in alle opzichten beter lotgemeen te zijn met hen, wier staat gering is, en die er zich in schikken, dan om er naar te streven een groot aanzien in de wereld te hebben. Ootmoed kan ons wel blootstellen aan de verachting van de wereld, daar hij ons echter aanbeveelt in Gods gunst, bereidt hij ons voor Zijn genaderijke bezoekingen en voor Zijn heerlijkheid, beveiligt hij ons tegen vele verzoekingen, en bewaart hij de kalmte en rust van onze ziel, en dus is nederigheid veel beter dan die hovaardij, die hoewel zij de eer en de rijkdom van deze wereld verkrijgt, God tot des mensen vijand en de duivel tot zijn meester maakt.