Spreuken 14:22
Zie hier:
1. Hoe ellendig diegenen zich vergissen, die niet alleen kwaad doen, maar het beramen. Dwalen zij niet, die kwaad beramen? Ja gewis dwalen zij, iedereen weet dit. Zij denken dat zij, door met list en berekening te zondigen, hun kuiperijen met meer behendigheid dan anderen tewerk te stellen, beter met hun zonden zullen uitkomen dan anderen, maar zij dwalen. Gods gerechtigheid kan niet verschalkt worden. Grotelijks dwalen zij, die kwaad beramen tegen hun naaste, want het zal gewis op henzelf neerkomen en eindigen in hun eigen verderf. Een noodlottige dwaling!
2. Hoe verstandig diegenen met hun eigen belangen te rade gaan, die niet slechts goed doen, maar goed beramen. Weldadigheid en trouw is voor degenen, die goed beramen, geen beloning als een schuld, die hun betaald wordt, zij zullen zelf erkennen dat zij niets verdienen, maar een beloning uit goedertierenheid, zuivere goedertierenheid, goedertierenheid overeenkomstig de belofte, goedertierenheid en trouw, waarvoor het God belieft zich tot schuldenaar te maken. Zij, die zo milddadig zijn dat zij milddadigheden beraadslagen, die gelegenheden zoeken om goed te doen, en er in slagen om hun liefdadigheid zover mogelijk te doen reiken, en zo aangenaam mogelijk te maken aan hen, die haar behoeven, zullen op milddadigheden staan, Jesaja 32:8.