Openbaring 19:1-4
In het voorgaande hoofdstuk was de val van Babylon besloten, geëindigd en onherstelbaar verklaard, dit vangt aan met een heiligen zegezang over haar, tengevolge van de oproeping daartoe in Hoofdstuk 18:20 :Bedrijft vreugde over haar, gij hemel, en gij heilige apostelen en gij profeten! Daaraan beantwoorden dezen met blijdschap, wij hebben hier:
1. Den vorm van hun dankzegging in dat hemelse, alles-omvattende woord: Halleluja! Looft den Heere!, waarmee zij beginnen, voortgaan en eindigen, vers 4. Hun gebeden zijn nu in lofzeggingen veranderd, hun hosanna's eindigen in halleluja's.
2. De oorzaak van hun dankzegging. Zij prijzen Hem om de waarachtigheid van Zijn woord en de rechtvaardigheid van Zijn voorzienige handelingen, voornamelijk in deze grote gebeurtenis, de verwoesting van Babylon, de moeder, de voedster, de verblijfplaats van afgoderij, zinnelijkheid en wreedheid, vers 2. Om dit treffend voorbeeld van goddelijke gerechtigheid zingen zij: De zaligheid en de heerlijkheid en de eer en de kracht zij den Heere, onzen God.
3. De uitwerking van deze dankzegging. Wanneer de engelen en de heiligen hun: Halleluja! zongen, vlamde het vuur vinniger op, en haar rook gaat op in alle eeuwigheid, vers 3. Het zekerste middel om de voortzetting en voltooiing van onze verlossing te verkrijgen, is Gode heerlijkheid te brengen voor hetgeen Hij reeds voor ons gedaan heeft. God loven voor hetgeen wij hebben, is bidden op de doeltreffendste wijze om hetgeen verder voor ons gedaan moet worden, de gebeden van de heiligen blazen het vuur van Gods toorn tegen den ge- meenschappelijken vijand aan.
4. De gezegende overeenstemming tussen engelen en heiligen in dezen zegezang, vers 4. De gemeenten en haar dienaren houden met de engelen een beurtzang, jubelen het refrein, vallen neer, aanbidden God en roepen: Amen, Halleluja!