1 Samuël 25:1
Wij hebben hier een kort bericht van Samuëls dood en begrafenis.
1. Hoewel hij een groot man was, uitnemend geschikt en bevoegd voor de openbaren dienst, heeft hij toch het laatste gedeelte van zijn leven in afzondering doorgebracht, daar hij zich geheel uit de publieke zaken had teruggetrokken niet omdat hij er door ouderdom of zwakte ongeschikt voor was geworden, want hij kon nog in een vergadering van de profeten voorgaan, Hoofdstuk 19:20, maar omdat Israël hem had verworpen, waardoor God hen aldus rechtvaardiglijk kastijdde, en omdat het zijn begeerte was rustig te zijn, en om zich te verlustigen in God en in daden van Godsvrucht, nu hij op gevorderde leeftijd was gekomen, en die begeerte heeft God hem genadig toegestaan. Laat oude lieden gewillig zijn om te rusten, al heeft het ook de schijn alsof zij zich levend gingen begraven.
2. Hoewel hij een groot vriend was van David, en Saul hem daarom, en ook omdat hij oprecht en vrijmoedig met hem had gehandeld, haatte, is hij toch in vrede gestorven, had hij ook vrede, zelfs in de ergste dagen van de tirannie van Saul, die hem wel eens voor zijn leven deed vrezen, Hoofdstuk 16:2.
Saul beminde hem niet, maar toch vreesde hij hem, zoals Herodes Johannes gevreesd heeft, en hij vreesde het volk, want allen wisten dat hij een profeet was.
Aldus wordt Saul in bedwang gehouden om hem geen kwaad te doen.
3. Gans Israël beweende hem, en daar hadden zij reden voor, want allen verloren veel in hem. Zijn persoonlijke verdiensten geboden dat hem bij zijn dood deze eer werd bewezen zijn vroegere diensten voor het publiek, toen hij Israël heeft gericht, maakten deze hulde van eerbied voor zijn naam en gedachtenis tot een schuld, die betaald moest worden, en zeer ondankbaar zou het geweest zijn, zo hem die hulde onthouden was. De zonen van de profeten hadden de stichter en president van hun school verloren, en al wat hen verzwakte was een publiek verlies. Maar dat was niet alles.
Samuël was een voortdurende voorbidder voor Israël, hij bad dagelijks voor hen, Hoofdstuk 12:23, als hij heengaat, gaat hun beste vriend van hen heen.
Het verlies is nog te smartelijker op dit tijdstip, nu Saul zo tiranniek is geworden en David uit zijn land is verdreven, nooit was Samuël meer nodig voor land en volk, en toch IS hij weggenomen.
Wij willen hopen dat de Israëlieten Samuëls dood zoveel bitterder beweenden, omdat zij aan hun eigen zonden en dwaasheid gedachten in hem te verwerpen en een koning te begeren.
Diegenen hebben wel harde harten, die hun getrouwe leraren met droge ogen kunnen begraven, geen besef hebben van het verlies van hen, die voor hen hebben gebeden, en hun de weg des HEEREN hebben geleerd. Als God in Zijn voorzienigheid onze bloedverwanten en vrienden van ons wegneemt, dan moeten wij verootmoedigd wezen wegens ons verkeerd gedrag tegenover hen terwijl zij nog bij ons waren. 4. Zij begroeven hem, niet in de profetenschool te Najoth, maar in zijn eigen huis of misschien in de tuin, die er bij behoorde, te Rama, waar hij geboren was.
5. Hierop toog David af naar de woestijn Paran, zich terugtrekkende, misschien om op plechtiger wijs de dood van Samuël te bewenen. Of liever, omdat hij, nu hij zo goed een vriend had verloren, die zo'n steun voor hem was (en naar hij hoopte ook verder voor hem zijn zou) vreesde dat zijn gevaar groter was dan ooit tevoren, en daarom trok hij zich terug in een woestijn buiten de grenzen van het land Israëls.
Nu was het, dat hij in de tenten Kedars woonde, Psalm 120:5. In sommige delen van deze woestijn van Paran heeft Israël gewandeld, toen zij uit Egypte kwamen. Die plaats bracht Gods zorg over hen in herinnering en David kon daar gebruik van maken tot zijn eigen bemoediging, in zijn tegenwoordigen woestijnstaat.