8. Maar niet in de eenzaamheid der stille natuur, niet naar den wierookheuvel en den mirreberg zult gij weer vluchten! neen: Kom bij (beter met) mij van den wilden Libanon af, o bruid! mijne koningin,kom bij, (beter: met) mij van den Libanon af in mijn koninklijk paleis, en geniet als heerseres er de heerlijkheden van, zie (beter: kom) van den top van Amana, den top van den Anti-Libanon, waar de Amana-rivier of Chrysorrhoas ontspringt (
2 Koningen 5:2.
2 Samuël 8:6), van den top van Senir en van Hermon, de twee andere hoofdtoppen van den Anti-Libanon of het Hermongebergte (
1 Kronieken 6:23), kom met mij mede van de woningen der leeuwinnen, van de bergen der luipaarden 1) (beter: panters).
1) Luipaarden zijn er in Palestina niet, maar alleen in Afrika, terwijl leeuwen en panters, die hier in den grondtekst bedoeld worden, in geheel Palestina, bijzonder in Bazan en op den Libanon talrijk voorkwamen en er nog gevonden worden. -Salomo vergelijkt hier de bergen rondom Sunem, de woonplaats van Sulamith, van welke zij nu zal afkomen, om altijd bij hem te blijven, met de hoogste spitsen van het Libanongebergte, om het verschil van voorheen en thans des te sterker te doen uitkomen..
Met den Libanon en de andere gebergten zinspeelt Salomo op de vroegere omgeving der bruid, en geestelijk opgevat, kan er niet anders onder verstaan worden, dan wat de Apostel noemt, "uit deze tegenwoordige boze wereld."
Christus Jezus heeft Zijn Kerk opgezocht en lokt haar uit de wereld, trekt haar met koorden der liefde, voert haar van de verderflijke gemeenschap der wereld tot de zalige gemeenschap met Hem.