Numeri 10:1-10
Wij hebben hier aanwijzingen voor de openbare kennisgevingen aan het volk door trompetgeschal bij verschillende gelegenheden. Men zou zo denken, dat Mozes voor zo'n zaak niet door God onderwezen behoefde te worden daar zijn eigen verstand hem wel het gerieflijke van trompetten zou hebben doen inzien, maar hun inrichting moest in alles Goddelijk zijn, en daarom wordt Mozes in deze zaak hoe onbeduidend zij ook schijnt, door God onderricht:
1. Ten opzichte van het maken van die trompetten. Zij moeten van zilver gemaakt worden, niet van gegoten zilver, maar van geslagen werk, (zoals sommigen dit lezen) de stof en de vorm waren ongetwijfeld geschikt voor het doel. Thans werd hem bevolen, om slechts twee te maken, omdat er slechts twee priesters waren, om ze te gebruiken. Maar wij lezen dat in Salomo's tijd "honderd en twintig priesters" "trompetten met trompetten," 2 Kronieken 5:12. Men veronderstelt dat de vorm van deze trompetten tamelijk gelijk was aan die, welke heden ten dage gebruikt worden.
2. Wie er gebruik van moest maken, geen ondergeschikt persoon, maar de priesters zelf, de zonen van Aäron. vers 8. Hoe groot en voornaam zij ook waren, toch moeten zij het geen verkleining voor zich achten, om trompetters te zijn in het huis Gods, de geringste dienst daar was nog eervol. Dit betekende dat de dienstknechten des Heeren "hun stem moeten verheffen als een" "bazuin, om het volk hun overtreding te verkondigen" Jesaja 58:1, en hen tot Christus te roepen, Jesaja 27:13.
3. Bij welke gelegenheid zij geblazen moesten worden.
a. Voor de samenroeping van de vergadering, vers 2. Aldus wordt hun gezegd de bazuin te blazen in Zion ter plechtige bijeenroeping van de vergadering, om een vasten te heiligen, Joël 2:15. Er behoort openbare kennisgeving te geschieden van de tijd en de plaats van de Godsdienstige bijeenkomsten, want de uitnodiging tot het voorrecht van de inzettingen is algemeen: die wil, kome. De wijsheid roept aan de spits van de hoge plaatsen. Maar, opdat de trompet geen onzeker geluid zal geven, wordt hun gezegd dat zij, indien alleen de oversten en de oudsten moesten bijeenkomen, slechts op een trompet moeten blazen, het mindere moet voldoende zijn om diegenen bijeen te roepen, die voorbeelden moeten zijn van voortvarendheid voor alles wat goed is, maar als het gehele volk bijeenvergaderd moet worden, dan moet op beide trompetten geblazen worden opdat zij op groter afstand gehoord zouden worden. Met toespeling hierop wordt gezegd dat diegenen welgelukzalig zijn, die het geklank kennen, Psalm 89:16, dat is die uitgenodigd en geroepen zijn om tot God te naderen in de openbaren eredienst, Psalm 122:1. En op de groten dag zal de algemene vergadering bijeengeroepen worden door "van de engelen bazuin van een groot geluid," Mattheus 24:31.
b. Voor het optrekken van het leger, om het sein te geven wanneer iedere afdeling zich in beweging moet zetten, want geen menselijke stem kon zo ver reiken om het woord van bevel te geven. Bij ons worden soldaten geoefend om op het geluid van trommelslag te letten, en hieraan te weten wat zij te doen hebben. Als de trompetten voor dit doel geblazen werden, dan moest het met een gebroken geklank zijn, korte, stotende tonen, geschikt om het hart van het volk te bemoedigen als zij moeten optrekken tegen hun vijanden, terwijl een aanhoudende, gelijkmatige toon meer geschikt is om de vergadering bijeen te roepen, vers 7. Evenwel, als het volk opgeroepen wordt om Gods oordelen af te bidden, dan moest er met zulk een kort, stotend geluid op de bazuin geblazen worden, een alarm, zoals de Engelse overzetting het heeft, hier, evenals in Joël 2:1. Op het eerste trompetgeschal moest Juda's legerafdeling optrekken op het tweede, dat van Ruben, op het derde dat van Efraïm, op het vierde dat van Dan, vers 5, 6. Sommigen denken, dat dit was tot heiliging van hun tochten, want aldus werden door de priesters, die Gods mond waren tot het volk, niet slechts de Goddelijke orders afgekondigd om op te trekken, maar ook Gods zegen bekend gemaakt op al hun bewegingen. Wie oren heeft om te horen die hore, dat God in waarheid met hen is. Koning Abia heeft zich en zijn leger hierom zeer hoog aangeslagen, 2 Kronieken 13:12. "God is met ons aan de spits, en Zijn priesteren met" "de trompetten des geklanks."
c. Ter opwekking en bemoediging van hun heirscharen, als zij ten strijde uittogen, vers 9. Wanneer gij ten strijde zult trekken zult gij ook met die trompetten een gebroken geklank maken, hiermede uw beroep aanduidende op de hemel voor de beslechting van uw twistzaak, en God zal deze Zijn eigen inzetting erkennen. Zo zal aan u gedacht worden voor het aangezicht des Heeren uws Gods. God zal letten op dit geklank van de trompet, en verbonden zijn om hun strijd te strijden. Laat al het volk dit weten, en aangemoedigd zijn om Zijn strijd te strijden, zoals David, toen hij het geruis hoorde van een gang in de toppen van de moerbeziënbomen. Niet dat God het nodig had om door trompetgeschal gewekt te worden, evenmin als Christus het nodig had om in de storm door Zijn discipelen gewekt te worden, Mattheus 8:25. Maar als Hij genade, een zegen, voor ons bestemt, dan wil Hij, dat wij er Hem om zullen vragen. Leraren moeten de goede krijgsknechten van Jezus Christus opwekken, om manmoedig te strijden tegen de zonde, de wereld en de duivel, door hun te verzekeren dat Christus de overste Leidsman is van hun zaligheid, en dat Hij de Satan haast onder hun voeten zal verpletteren.
d. Ter viering van hun heilige feesten. Een van hun feesten wordt genoemd "een gedachtenis des geklanks," Leviticus 23:23 en verv. En het schijnt dat zij al hun feesten daarmee moesten opluisteren. Psalm 81:4, en ook hun offeranden, 2 Kronieken 29:27, om aan te duiden met welk een vreugde en zielsgenot zij hun plicht volbrachten jegens God, en om het hart van hen, die de dienst bijwoonden, op te heffen tot een heilige blijdschap in de God, die zij aanbaden. En dan was hetgeen zij verrichtten een gedachtenis voor God, want dan heeft Hij een welbehagen in onze oefeningen van de Godsvrucht, als wij er, zelf behagen in hebben. Heilig werk moet met heilige vreugde gedaan worden.