Romeinen 15:5-6
Na deze beide vermaningen gegeven te hebben, voegt de apostel, alvorens verder te gaan, hier een gebed bij voor de goede werking van hetgeen hij gezegd heeft. Gelovige dienaren maken het door hen gepredikte woord nat met hun gebeden, omdat, wie ook het zaad zaait, God alleen den wasdom geeft. Wij kunnen slechts het oor bereiken, het is Gods uitsluitend voorrecht tot het hart te kunnen spreken. Merk op:
I. Welken naam hij God geeft: De God der lijdzaamheid en der vertroosting, die de bewerker zowel als de grondslag is van alle lijdzaamheid en vertroosting der heiligen, uit wie zij ontspringen en op wie zij gebouwd worden. Hij geeft de genade der lijdzaamheid, Hij bevestigt haar en houdt haar staande als de God der vertroosting, want de vertroostingen van den Heiligen Geest helpen om den heiligen te ondersteunen, en hen al hun lijden met moed en liefde te doen dragen. Wanneer Hij komt om ons de uitstorting van den Geest der liefde en der eendracht aan te bieden, noemt Hij zich de God der lijdzaamheid en der vertroosting.
1. De God, die geduld met ons heeft en ons vertroost, die niet tot in het uiterste kennis neemt van hetgeen wij verkeerd doen, maar bereid is om te vertroosten hen die neergebogen zijn, die ons daardoor leert onzen broederen onze liefde te bewijzen en door deze middelen de enigheid te bewaren en te handhaven, doordat wij geduld hebben met elkaar en elkaar vertroosten.
2. De God, die ons lijdzaamheid en vertroosting geeft. Hij heeft, vers 4, gesproken van lijdzaamheid en vertroosting der Schriften, maar hier ziet hij op tot God als de God van lijdzaamheid en vertroosting, zij komen tot ons door de Schrift als de geleibuis, maar God is er de springader van. Hoe meer lijdzaamheid en vertroosting wij van God ontvangen, des te meer zijn wij geschikt om elkaar lief te hebben. Niets verbreekt den vrede meer dan een ongeduldige, twistgierige, wrevelige en neerslachtige gemoedsgesteldheid.
II. De barmhartigheid, welke hij van God begeert: Die geve dat gij eensgezind zijt onder elkaar naar Christus Jezus.
1. De grondslag van Christelijke liefde en vrede is gelegen in eensgezindheid, in overeenstemming van gevoelen zover men hetzelfde bereikt heeft, of anders eendrachtigheid en overeenstemming in toegenegenheid. To autophronein, hetzelfde bedenkende, alle aanleiding tot verschil uit den weg ruimend, alle twisten bijleggende.
2. Deze eensgezindheid moet zijn naar (overeenkomstig) Jezus Christus, in overeenstemming met het voorschrift van Christus, de koninklijke wet der liefde, in het voetspoor en naar het voorbeeld van Christus, dat Hij hun ter navolging voorgesteld heeft, vers 3. Of: Jezus Christus moet het middelpunt van uw eensgezindheid zijn. Stemt overeen in de waarheid, niet in enige dwaling. Het is een vervloekte overeenstemming en eensgezindheid van hen, die een van zin en gevoelen zijn om hun heerlijkheid en sterkte aan het beest te geven, Openbaring 17:13. Dat is geen eensgezindheid naar Christus, maar tegen Christus, gelijk de bouwers van den toren van Babel, die eensgezind waren in hun opstand, Genesis 11:6. De volgorde in onze gebeden moet zijn, eerst om waarheid en daarna om vrede, want zo is de volgorde van de wijsheid die van boven is, die is ten eerste zuiver, daarna vreedzaam. Dat is eensgezindheid naar Jezus Christus. 3. Eensgezindheid naar Jezus Christus, in overeenstemming met Jezus Christus, is de gave Gods, en zij is een zeer kostelijke gave, die wij met groten ernst van Hem moeten afsmeken. Hij is de Vader der geesten, Hij formeert de harten der mensen, Psalm 33:15, Hij opent het verstand, verzacht het hart, maakt de toegenegenheid teder en geeft de genade der liefde, den Geest als een Geest van liefde, aan allen die er Hem om vragen. Ons wordt geleerd te bidden dat de wil Gods geschieden moge op aarde gelijk in den hemel. Welnu dáár wordt die wil eensgezind uitgevoerd door de engelen, die allen een zijn in hun lofverheffing en dienstbewijs, en onze begeerte moet zijn dat het ook zo geschiede door de heiligen op aarde.
III. Het doel van zijne begeerte: dat God moge verheerlijkt worden, vers 6. Hierom smeekt hij God in den gebede, en het is tevens een beweegreden voor hen om het te zoeken. In al onze gebeden moeten wij de verheerlijking Gods bedoelen, daarom moet steeds onze eerste bede als de grondslag van alle andere zijn: Verheerlijkt worde Uw naam! Gelijkgezindheid onder de Christenen moet onze verheerlijking van Gods naam bedoelen.
1. Eendrachtiglijk met een mond. Het is wenselijk dat Christenen in alle dingen eendrachtig zijn, opdat zij zo in het gezamenlijk verheerlijken van God eensgezind zijn. Als het zo is, dan draagt het veel bij tot verheerlijking van God, die een is en wiens naam een is. Het is niet voldoende dat het met een mond geschiedt, het moet ook met een geest gebeuren, want God ziet het hart aan. Ja, er kan bezwaarlijk een mond zijn, indien er geen eendracht is, en God zal weinig verheerlijkt worden indien er geen zoete overeenstemming is tussen die beide. Een mond in het belijden van Gods waarheden en in het verheerlijken van Zijn naam, een mond in den gemeenschappelijken omgang, geen terging, bijten en vereten van elkaar, een mond in de plechtige vergaderingen: een spreker en allen met hem instemmende.
2. Als de Vader van onzen Heere Jezus Christus. Dat is de geest van het Nieuwe Testament. God moet verheerlijkt worden zoals Hij nu zich geopenbaard heeft in het aangezicht van Jezus Christus, overeenkomstig de voorschriften van het Evangelie, en met het oog op Christus, in wie Hij onze Vader is. De eenheid der Christenen verheerlijkt God als den Vader van onzen Heere Jezus Christus, omdat dit in zekeren zin de tegenhanger is van de eenheid, die tussen den Vader en den Zoon bestaat. Ons wordt geleerd zo er over te spreken, en met het oog daarop het te begeren en er om te bidden, Johannes 17:21 :Opdat zij allen een zijn gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij en Ik in U, een hoge uitdrukking van de eer en de zaligheid der eenheid van de heiligen. En dan volgt: Dat ook zij in ons een zijn opdat de wereld geloven dat Gij Mij gezonden hebt. En zo wordt God verheerlijkt als de Vader van onzen Heere Jezus Christus.