Numeri 31:13-24
Wij hebben hier de zegevierende terugkeer van het leger Israëls van de krijg tegen Midian. En hier:
1. Werd hun grote eer bewezen, vers 13. In weerwil van zijn hoge ouderdom en zijn statigheid ging Mozes zelf hun buiten het leger tegemoet om hun geluk te wensen met de overwinning, en de plechtigheden van de triomf met zijn tegenwoordigheid te vereren. Voordelen, die voor het algemeen welzijn zijn behaald, moeten in het openbaar worden erkend tot eer van God, en ter bemoediging van hen, die voor de zaak huns volks hun leven in de waagschaal hebben gesteld.
2. Zij werden er streng om bestraft, dat zij de vrouwen in het leven hebben laten blijven. Zeer waarschijnlijk had Mozes hun geboden de vrouwen te doden, dat lag tenminste opgesloten in het algemeen bevel om Israël te wreken op de Midianieten, de strafoefening gold de misdaad, door welke zij hen tot de aanbidding van Baäl Peor hebben verleid, het was dus gemakkelijk om tot de gevolgtrekking te komen, dat de vrouwen, die de voornaamste misdadigsters zijn geweest, niet gespaard moesten worden. Hoe! (zegt Mozes) hebt gij dan alle vrouwen laten leven? vers 15. Een heilige verontwaardiging vervulde hem, toen hij ze zag. Dezen waren door Bileams raad de kinderen Israëls om oorzaak van de overtreding tegen de Heere, en daarom:
a. Is het rechtvaardig, dat zij sterven. In geval van hoererij luidde de wet: De overspeler en de overspeelster zullen zeker gedood worden. God had de overspelers van Israël gedood door de plaag, en nu was het voegzaam, dat de overspeelsters van Midian, inzonderheid wijl zij de verleidsters geweest zijn, ter dood zouden worden gebracht door het zwaard.
b. "Het is gevaarlijk ze in het leven te laten, zij zullen wederom de Israëlieten tot onkuisheid verleiden, en zo zullen uw gevangenen uw overwinnaars worden, en voor de tweede maal uw verdervers." Er worden dus strenge orders gegeven, dat al de volwassen vrouwen in koelen bloede gedood zullen worden, en alleen kinderen van het vrouwelijk geslacht gespaard worden.
3. Zij waren verplicht zich naar de ceremonie van de wet te reinigen, en zeven dagen buiten het leger te blijven, totdat hun reiniging volbracht was. Want:
a. Zij hadden hun handen bezoedeld met bloed, waardoor zij wel geen zedelijke schuld op zich geladen hebben, daar de oorlog wettig en rechtvaardig was, maar zij zijn er door onder ceremoniële onreinheid gekomen, die hen ongeschikt maakte om, voordat zij gereinigd waren, nabij de tabernakel te komen. Aldus wilde God een vrees voor en afschuw van moord in hun gemoed bewaren. David moest de tempel niet bouwen omdat hij een krijgsman was en veel bloed had vergoten, 1 Kronieken 28:3.
b. Het kon niet anders, of zij moesten dode lichamen hebben aangeraakt, waardoor zij verontreinigd zijn geworden en dit maakte het nodig, dat zij met het water van de afzondering ontzondigd zouden worden vers 19, 20, 24,.
4. Ook de buit, die zij genomen hadden moesten zij reinigen, de gevangenen, vers 19, en al de goederen, vers 21-23. Wat het vuur kon verdragen, moest door het vuur gaan, en wat het vuur niet kon lijden, moest met water gewassen worden. Deze dingen zijn door de Midianieten gebruikt, en nu in het bezit gekomen zijnde van Israëlieten, was het voegzaam dat zij geheiligd tot de worden tot de dienst van dit heilig volk en ter ere van hun heilige God. Voor ons wordt thans alles geheiligd door het woord en het gebed, indien wij geheiligd zijn door de Geest, die bij vuur en water wordt vergeleken. De reinen is alles rein.