2 Kronieken 18:28-34
Wij hebben hier:
1. De vrome Josafat, die zich in zijn koninklijke klederen vertoont, en zich daardoor aan gevaar blootstelt, maar toch verlost wordt. Wij hebben reden te geloven dat Achab, terwijl hij vriendschap voorwendde, het in werkelijkheid op Josafats leven toelegde, bedoelde hem uit de weg te ruimen, teneinde zijn opvolger, die zijn, Achabs, schoonzoon was naar zijn hand te zetten, want anders zou hij hem nooit geraden hebben zich met zijn koninklijke klederen gekleed in de strijd te mengen, want dat was hem tot een duidelijk zichtbaar doelwit voor de vijand stellen.
En indien dat werkelijk zijn bedoeling was, dan was dit zulk een beginselloos stuk van verraad als waaraan ooit iemand zich schuldig gemaakt heeft, en rechtvaardiglijk viel hij in de kuil, die hij voor zijn vriend had gegraven.
De vijand kreeg spoedig die koninklijke klederen in het oog en heeft de onvoorzichtiger vorst met kracht aangevallen, die nu, toen het te laat was, zich in het kleed van de armsten soldaat wenste, veeleer dan in zijn koninklijk gewaad. Hij riep, hetzij tot zijn vrienden, om hem te hulp te komen (maar Achab bekommerde zich daar niet om), of tot zijn vijanden, om hun hun vergissing te doen inzien, hun te doen weten dat hij de koning Israëls niet was, of tot God om hulp en redding, tot wie anders zou hij roepen?
En hij bevond dat het niet tevergeefs was, de Heere hielp hem, redde hem uit die nood, door de oversten te bewegen zich van hem af te wenden, vers 31. God heeft aller mensen harten in Zijn hand, en wendt ze naar Zijn welgevallen om tegen hun bedoelingen in Zijn doeleinden te dienen. Velen worden bewogen op een onverklaarbare wijze voor henzelf en voor anderen, maar het is een onzichtbare macht, die hen beweegt.
2. De goddeloze Achab vermomde zich en wapende zich, en dacht zich aldus te beveiligen, en toch wordt hij gedood. Geen kunst, geen wapenen kunnen hen redden, die door God aan het verderf zijn gewijd. Wat kan hen schaden, die door God beschermd worden? En wat kan hen beschutten, die God wil verderven? Josafat is veilig in zijn koninklijke klederen, Achab wordt gedood in zijn wapenrusting, want de loop is niet van de snellen, noch de strijd van de helden.