10. Dewijl of, ofschoon zij in elkaar gevlochten zijn als scherpe, ongenaakbare doornen 1), want dezulken zijn de sluwe, arglistige Assyriërs, gelijk ook gij zult samenrotten om listige, onfeilbare oorlogsplannen te beramen, en zij dronken zijn, gelijk zij plegen dronken te zijn, in hun weelderig leven, bij dagelijks wijngelag 2), zo worden zij toch door den aangeblazen gloed des vuurs volkomen verteerd, als een dorre stoppel.
1) Hij noemt ze doornen, die in elkaar groeien, d. i. zij verenigen hun macht en hun geweld, maken verbonden en vriendschap, zijn zeer weerspannig en trots. Maar het zijn toch doornen, die moeten omkomen, hoe zij zich ook opeenstapelen.
2) Diodorus van Sicilië, een beroemd geschiedschrijver ten tijde van den keizer Augustus, verhaalt bij zijne beschrijving van Ninevé's verwoesting, dat Sardanapalus, nadat hij de vijanden, die Ninevé belegerden, driemalen had teruggeslagen, in het vertrouwen op zijn geluk ene zwelgerij aanlegde. De vijanden, die hiervan bericht hadden gekregen, deden een nieuwen aanval en veroverden de stad. Van de ontzettende weelderigheid en zwelgerij van het Assyrische hof, waardoor hij de schutten, den volken afgeperst, verspilden, spreken ook de andere oude schrijvers.